De prijs bestaat niet
Wie online naar een product zoekt, ziet meestal niet één vaste prijs. Winkels hanteren verschillende bedragen, terwijl tijdelijke aanbiedingen, voorraad en verkoopvoorwaarden het beeld verder kunnen vertroebelen. Daarom is een gemiddelde alleen niet genoeg om een prijsmarkt te begrijpen.
De statistieken voor de Sony MZ-E505 in de internetpostorderverkoop in november 2002 laten zien hoe meerdere maatstaven samen een veel bruikbaarder beeld geven. Ze vertellen niet alleen wat verkopers gemiddeld vroegen, maar ook waar het middelpunt lag en binnen welke grenzen het centrale deel van de waargenomen prijzen viel.
| Maatstaf | Waarde en meetmoment | Betekenis |
| 25%-punt | 15540 in november 2002 | Een grens aan de goedkope kant van de waargenomen markt |
| Gemiddelde | 16408 in november 2002 | De som van de waargenomen prijzen, verdeeld over alle waarnemingen |
| Mediaan (50%-punt) | 16500 in november 2002 | Het midden van de gerangschikte prijzen |
| 75%-punt | 17010 in november 2002 | Een grens aan de duurdere kant van het centrale prijsgebied |
Waarom het gemiddelde lager ligt dan de mediaan
Bij de Sony MZ-E505 lag het gemiddelde in november 2002 op 16408, terwijl de mediaan in november 2002 uitkwam op 16500. Het verschil is klein, maar inhoudelijk interessant. Enkele relatief lage prijzen kunnen het gemiddelde naar beneden trekken. De mediaan reageert daar minder sterk op, omdat die uitsluitend aangeeft waar het midden van de gerangschikte waarnemingen ligt.
Dat maakt de mediaan nuttig voor consumenten die willen weten welke prijs in het centrum van de markt stond. Het gemiddelde blijft relevant, maar kan een indruk wekken die niet precies overeenkomt met de prijs die een doorsnee bezoeker van webwinkels het vaakst rond het midden van het aanbod aantrof.
Kwartielen maken prijsverschillen zichtbaar
Het 25%-punt bedroeg in november 2002 15540 en het 75%-punt 17010. Samen begrenzen deze waarden het centrale deel van de gemeten prijzen. Ze maken duidelijk dat de keuze van de verkoper financieel betekenis kon hebben, zelfs wanneer overal exact hetzelfde model werd aangeboden.
Voor een shopper is dat inzicht praktischer dan één los gemiddelde. Een bedrag rond de mediaan kan worden gezien als een prijs nabij het midden van de markt. Een bedrag bij de onderste grens behoort tot het goedkopere deel, terwijl een bedrag bij de bovenste grens aan de duurdere kant van het centrale gebied ligt.
Dat betekent niet automatisch dat de laagste aanbieding de beste koop is. Verzendkosten, garantie, levertijd en verkoopvoorwaarden zijn in deze vier prijswaarden niet zichtbaar. De statistiek helpt dus bij het beoordelen van de prijspositie, maar vervangt geen vergelijking van de volledige aanbieding.
Een methode die ook buiten deze casus bruikbaar is
De belangrijkste les is niet het historische bedrag van één apparaat, maar de manier waarop prijzen worden gelezen. Bij online aanbod kunnen gemiddelde, mediaan en kwartielen elk een andere vraag beantwoorden:
- Het gemiddelde vat alle waargenomen prijzen samen.
- De mediaan toont het midden zonder sterk mee te bewegen met uitzonderlijk lage of hoge aanbiedingen.
- De kwartielen laten zien hoe breed het centrale prijsgebied is.
Deze aanpak is toepasbaar op uiteenlopende goederen en markten. De cijfers komen hier uit het landelijke prijsstatistiekonderzoek van het Japanse Ministerie van Binnenlandse Zaken en Communicatie, dat de internetpostorderverkoop als aparte verkoopvorm waarneemt. Wie prijsstatistieken vergelijkt, moet daarnaast letten op munteenheid, belasting, verzendkosten, productvariant en meetmethode. Pas wanneer die voorwaarden vergelijkbaar zijn, krijgt een verschil tussen prijsniveaus een heldere betekenis.
De Sony MZ-E505 in november 2002 illustreert daarmee een blijvend principe: een marktprijs is vaak geen enkel bedrag, maar een verdeling. Wie alleen naar het gemiddelde kijkt, mist een deel van het verhaal.
出典
- 全国物価統計調査(総務省): https://www.e-stat.go.jp/dbview?sid=0000100200